Vouwen voor slimme kleuters

Misschien herken je dit wel: die ene slimme kleuter in de klas heeft eigenlijk maar een hekel aan de verplichte knutseltaken. Saaaai. Of het wordt afgeraffeld, om vervolgens weer lekker verder te kunnen spelen. Of het kind heeft juist moeite de volgorde van taken uit te voeren. Hoe kan dat, dit kind was toch zo slim?

Ik wil je hier een tip geven die te maken heeft met vouwen:

Waarschijnlijk bied jij wel eens een vouwwerkje aan in de klas. De kinderen moeten een bepaald stappenplan volgen om tot een eindresultaat te komen. Je hebt de verschillende stappen in een reeks opgehangen zodat de kinderen precies kunnen zien wat ze moeten doen.

Pak het bij slimme kinderen eens zo aan:

  1. Vraag: kun jij dit blad zó vouwen dat ik er acht even grote rechthoeken in kan tellen?
  2. Vraag: dit is het vouwwerkje van vandaag, kun jij er zelf achter komen hoe ik dit gevouwen heb? En kun jij het namaken?

Dit zijn voorbeelden van top-down werken. Je begint bij het eindresultaat en laat de kinderen zelf uitvogelen hoe ze daar zouden kunnen komen.

Kun je je voorstellen dat een kind bij die eerste vraag meteen AAN zou gaan staan, terwijl hetzelfde kind onderuit zakt bij je instructie ‘vouw een boek, vouw een recht kruis, vouw nu de kastdeuren dicht’?

Kun je je voorstellen dat een kind bij de tweede vraag misschien niet helemaal het juiste stappenplan volgt, maar wel een tijdje actief bezig is met een vouwopdracht, iets dat je met een vouwreeks niet had kunnen bereiken?